
In het algemeen wordt aangenomen, dat het Andrés Segovia is geweest, die vanaf het begin van de vorige eeuw het voornaamste pionierswerk heeft verricht om de klassieke gitaar een plaats te doen veroveren als een volwaardig concertinstrument. In zijn autobiografie beschrijft Segovia de lange en moeizame weg, die hij als autodidact heeft moeten afleggen, dit bij gebrek aan een geschikte leraar. Nu zijn er anecdotes bekend, die een ander licht werpen op de beweringen van de grote meester. Zo is het bekend, dat Segovia meermalen contact heeft gehad met een andere grootmeester van de klassieke gitaar: Miguel Llobet. De vermelde contacten met Llobet – rond 1915 - zouden ‘slechts een adviserend karakter’ hebben gehad, zonder enige verdere invloed op zijn spel, aldus Segovia. Later liet hij zich ambivalent uit over Llobet, die hij weliswaar bewonderde om zijn virtuositeit, maar toch zijn toonvorming niet bepaald kon waarderen; hij vond die te ruw en ongepolijst.
Miguel Llobet (1878 – 1938) werd geboren in Barcelona en overleed tijdens de Spaanse burgeroorlog. Als zoon van een beeldhouwer, zou hij zich ook ontwikkelen als kunstschilder, wat hij zijn verdere leven zou blijven beoefenen. Na aanvankelijk lessen te hebben gevolgd op viool en piano, ontving hij zijn eerste gitaarlessen van Magí Alegre. Vanaf 1894 ging hij studeren bij Francisco Tárrega (1852 – 1909). Het is Tárrega, die wordt beschouwd als de grondlegger van de moderne gitaartechniek. Hij was een vooraanstaand pedagoog en maakte voor het instrument vele transcripties van bekende componisten. Omdat hij overleed toen Segovia 16 jaar oud was, is het niet aan te nemen, dat de laatste hem persoonlijk gekend heeft. De belangrijkste leerling van Tárrega was dan ook Miguel Llobet.
Vanaf 1898 gaf Llobet recitals in onder meer Málaga, Sevilla, Parijs, Noord- en Zuid Amerika, en vlak voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in Duitsland, België en Nederland.
De plaatopnamen van Llobet zijn beperkt en stammen uit het jaren 1925 - 1929. Nadat hij in 1938 overleed, vermoedelijk aan de gevolgen van pleuritis, zou de loopbaan en de roem van Andrés Segovia nog een halve eeuw voortduren. Toen Segovia in 1987 het concertpodium definitief de rug had toegekeerd, stierf hij kort daarna op 94-jarige leeftijd, rustig thuis, tijdens het kijken van televisie...
Miguel Llobet (1878 – 1938) werd geboren in Barcelona en overleed tijdens de Spaanse burgeroorlog. Als zoon van een beeldhouwer, zou hij zich ook ontwikkelen als kunstschilder, wat hij zijn verdere leven zou blijven beoefenen. Na aanvankelijk lessen te hebben gevolgd op viool en piano, ontving hij zijn eerste gitaarlessen van Magí Alegre. Vanaf 1894 ging hij studeren bij Francisco Tárrega (1852 – 1909). Het is Tárrega, die wordt beschouwd als de grondlegger van de moderne gitaartechniek. Hij was een vooraanstaand pedagoog en maakte voor het instrument vele transcripties van bekende componisten. Omdat hij overleed toen Segovia 16 jaar oud was, is het niet aan te nemen, dat de laatste hem persoonlijk gekend heeft. De belangrijkste leerling van Tárrega was dan ook Miguel Llobet.
Vanaf 1898 gaf Llobet recitals in onder meer Málaga, Sevilla, Parijs, Noord- en Zuid Amerika, en vlak voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in Duitsland, België en Nederland.
De plaatopnamen van Llobet zijn beperkt en stammen uit het jaren 1925 - 1929. Nadat hij in 1938 overleed, vermoedelijk aan de gevolgen van pleuritis, zou de loopbaan en de roem van Andrés Segovia nog een halve eeuw voortduren. Toen Segovia in 1987 het concertpodium definitief de rug had toegekeerd, stierf hij kort daarna op 94-jarige leeftijd, rustig thuis, tijdens het kijken van televisie...
3 opmerkingen:
Een reactie posten