Jim Hall (1930) studeerde af aan het Cleveland Instute of Music in 1955, met een Bachelors degree in muziek. In datzelfde jaar vertrok hij naar Los Angeles, waar hij al snel de erkenning en het respect verwierf van gevestigde jazzmuzikanten. Bijna meteen werd hij bij het Chico Hamilton trio aanbevolen als vervanger van Howard Roberts. Gedurende 1959 was hij op toernee met Hamilton en maakte opnamen, en ook in dezelfde tijd speelde hij en maakte platen met Jimmy Giuffre.
De eerste opnamen van Jim Hall, in het bijzonder die met Chico Hamilton, lieten de invloed van Charlie Christian en Django Reinhardt horen. Net als bij zijn tijdgenoten leek het spel van Hall dan ook sterk op dat van Christian en Reinhardt. En Jim Hall gaf toe dat deze beiden van grote invloed waren op zijn stijl. De opnamen met het Chico Hamilton Trio (Pacific Jazz 1220) zijn waarschijnlijk gemaakt vlak nadat Hall zich in Los Angeles vestigde, zodat zij zijn stijl en techniek uit die vroege periode goed weergeven. ‘Porch Light’ laat zien dat hij goed zijn licht had opgestoken bij Charlie Christian, maar bij nauwkeurig luisteren naar ‘Autumn Landscape’ en de daaropvolgende plaatopnamen die hij bij Chico Hamilton maakte laten zien dat Jim Hall de jazzgitaar in een nieuwe richting leidde. Zijn bijna te eenvoudig klinkende 8 maten improvisatie op ‘Autumn Landscape’ laten de ingehouden melodische stijl van spelen zien die het kenmerk zou worden van zijn benadering van jazzgitaar.
In dezelfde tijd maakte Jim Hall opnamen met Jimmy Giuffre, en drie plaatopnamen met hem zijn klassiekers geworden voor blazers en jazzgitaristen. Op deze opnamen legde Hall nogmaals de nadruk op eenvoud van stijl die de complexiteit van zijn interpretaties van Jimmy Giuffre’s arrangementen logenstraft.
Jim Hall verhuisde naar New York in de jaren ’60 en maakte daar opnamen met Sonny Rollins, Lee Konitz, Art Farmer en Bill Evans. De prachtige duo opnamen die hij maakte met Bill Evans verschenen in de jaren ’60. Deze kleine bezetting, in combinatie met de ingewikkelde arrangementen van Evans, gaf Hall de gelegenheid om te laten zien wat inmiddels zijn handelsmerk was geworden.
De gehele laatste vijfentwintig jaar van de twintigste en verder in de eenentwintigste eeuw, is Jim Hall doorgegaan met spelen en opnemen. Hij is daarbij niet al te ver afgedwaald van zijn oorspronkelijke stijl en techniek, maar het lijkt erop dat hij zich altijd in zijn muziek ontwikkeld heeft. In de jaren ’70 en ’80 maakte hij een klein aantal opnamen voor het Concord Records label, en daaronder het meest in het oog springend: ‘Jim Hall’s Three’. In de jaren ’90 ging Hall verder met opname sessies onder eigen leiding en maakte hij platen met Pat Metheny, Mike Stern en Itzhak Perlman.
In ‘Just Guitar’ nummer 8 van augustus 1996, Q & A Jim Hall, pagina 63, zei Hall, toen hem gevraag werd hoe zijn spel in de loop der jaren veranderd is: “Ik hoop dat het beter geworden is. Ik begon ermee om als Charlie Christian te klinken en zou eigenlijk nog steeds zoals hem willen klinken. Maar, vanaf het doorlopen van het Institute of Music tot aan wat ik daarna allemaal heb gedaan, is mijn spel veranderd en ik hoop dat het blijft veranderen – niet omdat je het waardevolle wil weggooien, maar omdat je altijd wil blijven groeien.”
De eerste opnamen van Jim Hall, in het bijzonder die met Chico Hamilton, lieten de invloed van Charlie Christian en Django Reinhardt horen. Net als bij zijn tijdgenoten leek het spel van Hall dan ook sterk op dat van Christian en Reinhardt. En Jim Hall gaf toe dat deze beiden van grote invloed waren op zijn stijl. De opnamen met het Chico Hamilton Trio (Pacific Jazz 1220) zijn waarschijnlijk gemaakt vlak nadat Hall zich in Los Angeles vestigde, zodat zij zijn stijl en techniek uit die vroege periode goed weergeven. ‘Porch Light’ laat zien dat hij goed zijn licht had opgestoken bij Charlie Christian, maar bij nauwkeurig luisteren naar ‘Autumn Landscape’ en de daaropvolgende plaatopnamen die hij bij Chico Hamilton maakte laten zien dat Jim Hall de jazzgitaar in een nieuwe richting leidde. Zijn bijna te eenvoudig klinkende 8 maten improvisatie op ‘Autumn Landscape’ laten de ingehouden melodische stijl van spelen zien die het kenmerk zou worden van zijn benadering van jazzgitaar.
In dezelfde tijd maakte Jim Hall opnamen met Jimmy Giuffre, en drie plaatopnamen met hem zijn klassiekers geworden voor blazers en jazzgitaristen. Op deze opnamen legde Hall nogmaals de nadruk op eenvoud van stijl die de complexiteit van zijn interpretaties van Jimmy Giuffre’s arrangementen logenstraft.
Jim Hall verhuisde naar New York in de jaren ’60 en maakte daar opnamen met Sonny Rollins, Lee Konitz, Art Farmer en Bill Evans. De prachtige duo opnamen die hij maakte met Bill Evans verschenen in de jaren ’60. Deze kleine bezetting, in combinatie met de ingewikkelde arrangementen van Evans, gaf Hall de gelegenheid om te laten zien wat inmiddels zijn handelsmerk was geworden.
De gehele laatste vijfentwintig jaar van de twintigste en verder in de eenentwintigste eeuw, is Jim Hall doorgegaan met spelen en opnemen. Hij is daarbij niet al te ver afgedwaald van zijn oorspronkelijke stijl en techniek, maar het lijkt erop dat hij zich altijd in zijn muziek ontwikkeld heeft. In de jaren ’70 en ’80 maakte hij een klein aantal opnamen voor het Concord Records label, en daaronder het meest in het oog springend: ‘Jim Hall’s Three’. In de jaren ’90 ging Hall verder met opname sessies onder eigen leiding en maakte hij platen met Pat Metheny, Mike Stern en Itzhak Perlman.
In ‘Just Guitar’ nummer 8 van augustus 1996, Q & A Jim Hall, pagina 63, zei Hall, toen hem gevraag werd hoe zijn spel in de loop der jaren veranderd is: “Ik hoop dat het beter geworden is. Ik begon ermee om als Charlie Christian te klinken en zou eigenlijk nog steeds zoals hem willen klinken. Maar, vanaf het doorlopen van het Institute of Music tot aan wat ik daarna allemaal heb gedaan, is mijn spel veranderd en ik hoop dat het blijft veranderen – niet omdat je het waardevolle wil weggooien, maar omdat je altijd wil blijven groeien.”

Jim Hall
Geen opmerkingen:
Een reactie posten